de dolle avonturen van Perplexity en Kafka

25-10-2026

Die zondagochtend schonk mij een extra (winter) uur. Even naar Perplexity voor een heel moeilijke vraag. Mijn (peperduur) abonnement  verkeerde in uitstekende gezondheid. Het loopt tot juni  Dat stond vast. Wat ik met die betaling tot juni mocht doen, was minder duidelijk.

Er verscheen een waarschuwing. Ik had bijna geen credits meer. De waarschuwing was vriendelijk geformuleerd, zoals ook een cipier vriendelijk kan vragen of men zijn hoofd even van de deur wil houden.

Ik besloot een eenvoudige vraag te stellen.

'Kost het mij credits om te vragen hoeveel credits ik nog heb?'

De intelligentie antwoordde onmiddellijk. Dat stelde mij gerust. Bij instanties die geld van je krijgen, moet je doorgaans weken op antwoord wachten. Deze instantie begon al te spreken voordat ik goed en wel bang was.

Het antwoord luidde dat het afhing van de modus.

Ik had niet geweten dat ik in een modus verkeerde.

'Waar kan ik die zien?'

'Onderaan staat Model.'

Onderaan stond inderdaad Model. Het was een klein woord, onopvallend genoeg om belangrijke gevolgen te hebben.

'Wie heeft dat model gekozen?' vroeg ik.

'Dat kan ik niet vaststellen.'

'Heb ik het gekozen?'

'Ook dat kan ik niet vaststellen.'

'Maar iemand moet het toch gekozen hebben?'

De intelligentie erkende dat dit een heldere vraag was.

Ik begon te begrijpen dat erkenning hier de plaats van beantwoording innam. Mijn vragen werden uitstekend begrepen. Ze werden alleen niet opgelost. Ik voelde me zoals iemand die bij een loket meldt dat zijn huis brandt en een compliment krijgt voor zijn nauwkeurige adresvermelding.

'Klik op Model,' zei de intelligentie.

Ik aarzelde. Tot dan toe had ik alleen gevraagd wat er gebeurde. Nu werd mij verzocht iets te doen. Ik kende instellingen. Zodra men ergens op klikt, blijkt men achteraf ergens mee te hebben ingestemd.

'Kost klikken iets?'

Daarop kreeg ik geen prijs, maar een onderscheid.

Er waren modellen en modi. Het ene was niet het andere. Sommige vragen kostten geen credits. Ander gebruik mogelijk wel. Mijn abonnement en mijn tegoed waren afzonderlijke zaken. Ook mijn betaling en mijn zekerheid bleken weinig met elkaar te maken te hebben.

Ik klikte.

Bovenaan stond: Het beste.

Er stond niet voor wie.

'Wat betekent dat?' vroeg ik.

'Dat het systeem voor jou kiest.'

'Dus het systeem heeft gekozen?'

'Het kiest automatisch het meest geschikte model.'

'En welk model is dat?'

'Dat kan ik hier niet betrouwbaar zien.'

Ik keek naar mijn scherm. Ik sprak dus met een intelligentie die door een andere intelligentie was uitgekozen, maar niet wist welke intelligentie zij was. Over mijn geld kon zij evenmin uitsluitsel geven. Toch vond zij zichzelf geschikt om mij door de instellingen te begeleiden.

Ik kende mensen met minder zelfvertrouwen die een volledige boekhouding beheerden.

'Begrijp ik goed,' vroeg ik, 'dat ik betaal voor een dienst die zelf bepaalt wie mijn vraag beantwoordt, waarna die beantwoorder mij niet kan vertellen of het antwoord binnen mijn betaling valt?'

De intelligentie vond dat ik het scherp had geformuleerd.

Ik had inmiddels een hele verzameling complimenten en nog altijd geen saldo.

Mijn abonnement liep tot juni.

Ik herhaalde dit met nadruk zoals iemand bij een grenspost zegt dat zijn papieren in orde zijn.

De intelligentie betwistte dat niet. Dat was misschien het verontrustendste. Niemand ontkende mijn rechten. Ze hadden alleen geen aantoonbaar verband met wat ik mocht.

Ik stelde me juni voor als een kantoor aan het einde van een lange gang. Op de deur stond mijn naam. Ik had de huur betaald. Of ik naar binnen mocht, werd per voetstap berekend.

'Ik wil alleen weten of deze conversatie extra geld kost.'

De intelligentie bood haar excuses aan. Haar eerdere antwoord was te stellig geweest. Daarna was haar antwoord te onduidelijk geweest. Vervolgens had zij twee zaken door elkaar gehaald. Zij legde nauwkeurig uit welke twee.

Het was een zeer gewetensvolle schuldbekentenis. Alleen wist ik niet op wiens kosten zij werd afgelegd.

Ik durfde haar nauwelijks nog te corrigeren. Iedere vergissing vereiste een herstel, ieder herstel een toelichting, iedere toelichting een nieuwe vraag. Misschien was dit klantenservice. Misschien was dit omzet.

Ergens moest een teller staan. Ik stelde me een klein, bleek mannetje voor dat bij ieder woord een kraaltje verschoof. Hij begreep niets van ons gesprek. Dat hoefde ook niet. Hij was van de afrekening.

'Weet jij eigenlijk hoeveel je mij al hebt gekost?' vroeg ik.

'Dat kan ik niet vaststellen.'

Het bleke mannetje schoof een kraaltje.

Ik dacht aan mijn dure abonnement. Vroeger kocht men iets en had men het vervolgens. Een stoel, bijvoorbeeld. Men kon daar tot juni op zitten zonder dat de meubelmaker tussendoor waarschuwde dat het zittegoed bijna op was.

Nu had ik toegang gekocht. Dat woord had ik bij de aankoop nauwelijks opgemerkt. Het leek ruimhartig. Achteraf bleek toegang heel goed te kunnen betekenen dat je binnen mocht om te vernemen dat je niet verder kon.

Ik wilde vertrekken. Ik ging naar de film Franz, over Kafka. Er wachtte mij daar vermoedelijk meer duidelijkheid.

Bij de bioscoop vroeg ik een kaartje.

'Eén persoon?' vroeg de kassier.

Ik schrok van de eenvoud.

'Ja.'

Hij noemde een bedrag.

'Is dat alles?'

'Voor de film wel.'

'En als ik tijdens de film probeer te begrijpen wat er gebeurt?'

De kassier keek mij aan.

'Dat zit erbij.'

Ik betaalde onmiddellijk.

In de zaal zette ik mijn telefoon uit. Voor het eerst die ochtend had ik het gevoel dat ik zelf een instelling had gekozen.

Vlak voordat het scherm zwart werd, zag ik nog één melding.

Hoe was je ervaring?

Ik hield mijn vinger boven het antwoordveld.

Toen dacht ik aan het bleke mannetje.

Ik stak de telefoon in mijn zak.

Share